|
Een hervonden tekst uit 2001 over de eerste
persvoorstelling en..."en de vergaderzaal van de
jachtclub achter mijn Klein Strand. Aan stuurboord (…) een
prachtige geschilderd zicht op die jachtkade door Bulcke,
volledig in de stijl van Jan Declerck. Voor de rest vierkant
schraal, ernstig, geen revue zeebonken onder passende kleren
maar eerder bureau- en tafelgasten. En zich op zee waar
straks weer een vuurwerk over moet. Ik geef u dit nog bij
als een herinnering aan water en vuur naar aanleiding van
Antwerpen 1993: "Ik citeer twee fragmenten uit een
interview in Humo (16.12.1993) met Eric
Antonis: "In Nederland stelt de politiek een artistiek
verantwoordelijke aan en die werkt in volledige
onafhankelijkheid.’ En: "Als je elke kunstenaar die
één keer blundert op een zwarte lijst zou, zetten, hou je
niemand meer over.’ De eerste uitspraak handelt over de
beperkingen die Antwerpen 93 ondervond van burgemeester
Cools. De tweede is een verdediging van het
vuurwerkspektakel dat blijkbaar letterlijk in het water
viel. Zo meldde de media toch. Werner Paenen (zie
tekst Document(a) 4) heeft het meegemaakt. Het vuurwerk was
in orde, op een paar details na, maar de kijkers verwachtten
een verticaal schouwspel, en niet een stijl van reflexie en
diepgang die bekomen werd door de pijlen horizontaal over de
Schelde, een RIVIER, af te vuren. Knap idee, maar ontijdig?
Organisator Hubert Rubbens benadert het concept vanuit
een stad met geschiedenis en gaat pas dan richting de
toegevoegde waarde voor de toerist. Hij noteert het ook
minder agressief dan de doorsnee PR-man die de hakbijl van
pertinent ontslag achter zijn klodden voelt. Het resultaat
zal nu en steeds groeiend een feit zijn op het zoute water
van deze stad van de zee. |
En dat klinkt voor mij veel sympathieker dan het grotesk
gebrul dat dit voor de toerist wordt gedaan maar dat
Oostende er commercieel baat bij heeft. Dat IS zo maar dat
moet niet altijd primeren. Geef de stad haar historische
identiteit terug en haal daar alle profijt uit. Diezelfde
Hubert Rubbens is ook de enige bij wie ik in 2001 iets hoor
over het maritieme karakter van het wereldberoemd Beleg van
Oostende. De paus heeft zich verontschuldigd voor de
Inquisitie, het wordt tijd dat het nieuwe Oostende zich ook
eens buigt voor het jaren lang verzwijgen van het politiek
geweld tussen 1601-1604 waarbij de vrijheid door de
christelijke Spaanse Furie werd vermoord. Ondertussen wordt
het toverdrankje al in haar onderdelen verzameld. De ‘Mededelingen’
van de C.R.Oostende geeft duidelijke suggesties en
verslagen.

|