|
In een map Knokke vond ik volgende fragmentje terug over
die ‘sfeer’ bij de vrijetijdsfotografen tijdens de 23ste
editie.
"We zijn vroeg. Een Pools fotograaf laat zichzelf op
foto herfotograferen. Het is pas wanneer de fotografen zelf
de concurrenten geviseerd hebben dat de doffe dreun van
commentaren ontstaat. West-Vlaams kabaal tegen Oostelijker
assertiviteit. Het gaat goed in de fotografie maar iedereen
wantrouwt de andere. En dan wordt er geopend met
dataverwijzingen, totalen, tijden, bezoekersaantallen en
complimenten voor Tim Dirven (De Morgen) die herinneringen
oproept aan Jean Mihl, en de onuitwisbare Bolsius (VUM).
Diagonaal is sterk. Mijn buurman fluistert "‘Te’,
Mijnheer…! …", alsof ik van meer weet. In de waas
van plots wantrouwen zoek ik naar tegenpolen in de mogelijke
overbehandeling en het ontwijken van het normaal
perspectief. En dan dringt het tot mij door: hier hangt het
verschil tussen museale of experimentele fotografie en
fotografie der groten. Dit is binnen een groep grenzen
verleggen. En tonen en hopen op de appreciatie van deze
soort technische meerwaarde."
En dan maar proberen me te herinneren waar ik die
bedenking aan te danken heb. Tot ik oog in oog sta met de 24ste
editie van het Internationaal Fotofestival dat op dat uniek
moment eigenlijk al een maand bezig is zonder dat ik het
geweten heb. |
Het gaat hem over de derde laag. De wat?
Laag één is de inhoud. In het geval van de degelijke
vrijetijdsfotografie liggen de grenzen bij het directe
visuele of het vaak overdreven bijgewerkte. De technologie
is daar nog niet tot zijn volle recht gekomen. Het digitaal
werken is nog teveel een investering en een lange les.
Daartegenover staat de professional die per definitie
digitaal moet werken wil hij of zij zowel op het
reportagevlak als bij het studio- en kunstwerk gewaardeerd
worden.
En zo zijn we automatisch bij laag twee gekomen. De kunde
om zo snel als de sluiter van het klassieke toestel in te
zien waar de compositie ligt die nadien nog meer
uitgebalanceerd moet worden, hoe de belichting in de vakken
van het oog straks verscherpt of dramatischer kan gemaakt
worden en waar de beweging van overwinning of verlies een
reliëf zullen krijgen in de bladspiegel dat op dat moment
slechts de ondergeschikte rol zal krijgen t.o.v. de
eigenlijke gebeurtenis. Dat geldt voor on the field
fotografie en gecomponeerd werk.
Dat allemaal om tot het eigenlijk verhaal van de derde
laag te komen. Onthoud dus: inhoud kiezen, techniek
toepassen en dan componeren met deze beide werkstukken. Drie
artistieke kunden die onontbeerlijk een automatisme moeten
worden.
|