TABLEAUX VIVANTS ENSOR
Fotografie van Daniël de Kievith

      

Dat fotografie de schilderkunst vervangt is slechts voor een stuk juist. Het documentaire aspect zonder verschonende lagen is inderdaad voorbijgestreefd. Men moet nieuwe grenzen zoeken. Fotografie is ook al een stuk voorbij het pionierswerk. Men gaat nu op zoek naar uitgepuurde schoonheid. De ene zoekt de verhelderde tinten, de andere laat de warmte van de kleuren spreken. In het eerste geval heb ik het over Rineke Dijkstra en de laureaten van de Provinciale Prijs voor Beeldende kunsten West-Vlaanderen 2002. In het tweede geval verwijs ik naar de magie van Dany De Kievith.

   

Daniël de Kievith: Kinderhoofd

    

In het SMuSKO wordt de hoofdtoon gezet door de reeks ‘Tableaux Vivants Ensor’ dat opgenomen werd tijdens het Ensorjaar 1999. Daarnaast presenteert hij een reeks panoramische strandtaferelen, personages uit zoiets als een Aziatische Opera, impressies van een afrofuif, toneelkledij met zware symboliek, … Veel variatie maar met een dikke rode draad die maakt dat je geen indruk van uitbundige diversiteit naproeft maar eerder een zekerheid herkent dat alle werken van eenzelfde textuur zijn.

   

Daniël de Kievith: Kinderhoofd

   

Dany De Kievith heeft de naam een pietje precies te zijn. Hij is de fotograaf die lichtbeelden verzamelt. Die vaak pijnlijk stil in een hoek, pertinent voor een spreker of in een labiel evenwicht op een plat dak fotografisch registreert. Alles. Neen: veel en meestal lijkt het zonder enige specifieke waarde. Maar hij is geen persfotograaf in die zin dat hij de brandenden actualiteit nazit. Hij neemt de tijd op. Het gebeuren. De samenloop van omstandigheden, een gebeurtenis met een boodschap, bundels mensen. Ik probeer zo raak mogelijk langs de rand van persfotografie te scheren en weg te blijven van de anekdote.

   

Daniël de Kievith: Kinderhoofd

   

Tableaux-Vivants
Leven op een Plat Vlak

      

Bij de schilder wordt dat leven hermaakt door de verf en de zo persoonlijk en verrassend mogelijke stijl die de materie boven haar mengbare samenstelling moet brengen.
In dat geval zijn bijvoorbeeld de maskers van Ensor zowel verf als symboliek. De verwrongen toten zijn geen pijnlijke spanningen maar lijnen van pure afkeer, van gestandaardiseerde haat voor een maatschappelijke laag die zich om oprechte kleuren niet druk maakt.
De existentiële zoektochten hadden hun kroegen nog niet gevonden. ’t Café was nog steeds een oord van zweet en braaksel. Niet bruin, wel het Afscheid.

En wat doet Dany De Kievith met dat protest. Hij gaat de meting aan om die oorspronkelijke gevoelens opnieuw tot leven te brengen uit maskers van maskers via de pelicule en licht. Tijdens het Ensorjaar 1999 werden de maskers en taferelen van Ensor in werkelijkheid uitgevoerd in ‘Tableaux Vivants’. Die werden buiten gefotografeerd, vaak tegen een zwart fluwelen achtergrond en met kunstlicht er aan toegevoegd. Een symbiose van twee lichtbronnen die in het fluweel verzachten en de figuur daarvoor als het ware een duwtje uit het platte vlak geven.

   

De Kievith laat lachen, gruwen, afkeuren of compassie oproepen. Maar je moet altijd over een grens van afstandelijkheid stappen. Eigenlijk is dat inherent aan de fotografie. De ontzettende realiteit van de sluiteropening knijpt de beweging uit het visioen. Op dat moment kan de tijd niet meer liegen. De fotokunstenaar rest de verfrissing of de verfraaiing. En uiteraard de keuze. Welke opname gebruik ik, welke cadrage selecteer ik, waar moet er een puntje meer licht en waar werk ik een vervelend vlekje weg. Kleine ingrepen die niets afdoen aan de onverzetbare eerlijkheid van het moment. Ik weet niet of het toeval is – het zal wel niet – maar het broze clowneske mensje van de affiche wordt tot pure vorm en kleur in het detail van de mond op de invitatie. De opname is zo zuiver geslaagd dat de kleinste plooitjes, putjes of lijntjes een landschap worden dat bedekt raakte met make-up, poeder en verf. Als je wilt mag je zelfs pijn vermoeden in de rozige uitvloeisels van 

de mondhoek.

In Het Laatste Nieuws (05.02.2003) staat dat hij er niet van houdt dat men zijn werk als ‘kunst’ omschrijft. "Bij mij zit de kunst in de stielkennis. Ik wil op een realistische manier de mensen en de dingen om mij heen vastleggen en het resultaat laten smaken door een zo breed mogelijk publiek." Graag. Maar loop er niet aan voorbij alsof het snapshots van een uit de hand gelopen fuif zijn. Er zit een ruime waaier van echte of door mij verzonnen symbolen in. Zo’n vrijheid mogen nemen maakt al dat het uitgangspunt valide genoeg is om dat te trotseren. Ik denk aan zijn maskers als aan de eeuwoude retouches op hard fotopapier. Aan de hypocrisie van het secondefragment. De versteende jeugd die zoveel mooier is dan ze vaak mag zijn. Fluwelen scherm van huid en enscenering. En de kleine onvolmaaktheden die boven het decor uitstijgen.

   

  Daniël de Kievith: Mond

Van 1 februari tot 2 maart 2003 in het SMuSKO, Wapenplein Oostende, 
www.Artsite.Be/musea MSKOostende.htm en www.tinck.be
Tezelfdertijd: van 7 tot 17 februari 2003 in het Belfort Brugge over de Gouden Boomstoet en van 26 april tot 25 mei 2003 in Fort Napoleon met de reeks Bahia Black.
     
André Baert, 05.02.2003 Vernissagetekst Conservator Norbert Hostyn

  

[Home] [NOT-index] [Terug] [Top]