|
Het dichtgegoten zwembad werd de Albert
1-zaal van het Thermae Palace Hotel en was afgeladen vol
voor een keure -vergeef me de omschrijving - locale
muzikale talenten. Ik ken er maar een paar van, maar groet
ze van hier uit omwille van hun muzikaal talent. Koen
Kessels, de dirigent van het Collegium Instrumentale
Brugense. Nog nooit heb ik een dirigent mogen meemaken die
zoveel vrijheid durft geven aan zijn muzikanten. Die
onbeweeglijk maar met het lieve oog onder het wild haar
het ritme, de inval en het karakter aanstipt. Prachtig om
te zien. France Springuel die gepassioneerd de cello laat
spreken over horizontale, diepe, warme klankvlakken. Paul
Dombrecht die van de hobo een universeel beschrijvend
klankgebeuren heeft gemaakt die niet alleen aanleunt bij
pastorales maar vooral de zang in de tijd wordt. De zang
van de diepere betekenis. Marc Grauwels maakt de
dwarsfluit tot omnivalent instrument dat zowel in de
klassieke als in de hedendaagse en populaire uitvoeringen
solistische hoogstandjes brengt. Het is aan de muzikant om
de weelderigheid in te tomen tot ritmes die suggereren of
begeleiden. En uiteraard Steve Dugardin die we als altus
al zoveel maal bij Il Fondamento hebben mogen
meemaken. |
|
En nog zoveel meer, zoals Dirk
Lievens en al die anderen die ik in mijn frisse onkunde
nog. Het is uit hun kracht dat het
klankformaat van de wereldcreatie moest komen. ‘Concertante
Kamersymfonie’, een compositieopdracht van de Provincie
West-Vlaanderen, voor althobo, natuurhoorn, strijkers en
pauken. Drie delen: Allegro moderato: vleugels aan de
gedachte, grave: treurmuziek en presto-adagio-presto:
gedrevenheid en nostalgie. Als leek kan ik me geen
technische benadering permitteren. Het muzikale werkstuk
heeft me nochtans erg aangesproken. Er zijn de zeer
duidelijke afbakeningen van de evolutie, al kan je ieder
afzonderlijk segment naar waarde schatten in een
universeel verhaal. Dat betekent dat het notenwerk heel
gestructureerd is, duidelijk, tastbaar. Wijst dat naar een
spontaneïteit? Neen want virtuositeit is het vervolg op
lange ervaring. En intuïtief uitvoeren is een sprookje.
Waarmee ik bedoel: de stelling waarin het klankverhaal
opgehangen wordt, is gerijpt. En actueel want er lijnt een
draad jazz, symfonische jazz door de treurnis. Precies dat
jazzy segment maakt het verhaal monumentaal en beklijvend.
Het tintje modernisme dat mij zo doet hunkeren naar
méér. |