|
Het is Jessica Peel die op haar
monumentale xylofoon de tentoonstelling voor geopend
ritmeert. Meesterlijk. Het is een van de goede gewoontes
van galerist Leo Kuipers om iedere tentoonstelling met
muziek te vernisseren. Van 15 november 2003 tot 4 januari
2004 brengt hij werk van Wouter Bolangier en Victor
Ramirez.
Wouter Bolangier (Aalst 1964)
Wouter Bolangier werkt al vanaf zijn
zestiende met glas (glasatelier De Meester-Schouckens te
Aalst). Zijn opleiding: Academie voor Schone Kunsten te
Aalst en te Antwerpen (monumentale kunst, specialisatie
glas bij J.P.Teurlinckx). Verder workshops bij Willem
Heesen (Leerdam, ned), Miloslava Svoboda (Tsjechië) en
Koen Vanderstukken (Mechelen). Vanaf '92 is hij leraar aan
de Academie voor Schone Kunsten te Antwerpen. Wouter
Bolangier exposeert veelvuldig in binnen- en buitenland
(Nederland, Duitsland, Frankrijk, USA) en behaalt vele
onderscheidingen.
We laten Wouter Bolangier zelf aan het
woord: "Glas is het materiaal dat het beste aansluit
bij mijn thematiek. In mijn werk snijd ik thema's aan als
leven, vergankelijkheid, relatie en religie. Deze kan ik
het beste kwijt in glas. De breekbaarheid en transparantie
van het materiaal lenen zich het beste om deze gedachten
te visualiseren. Werken met glas is ook steeds een
uitdaging. Het materiaal doet niet steeds wat je wilt en
de moeilijkheden om het te beheersen maken het spannend om
de mogelijkheden ervan te onderzoeken zonder te vervallen
in een maniakaal op zoek gaan naar technische
oplossingen."
We onthouden vooral de broosheid en de
transparantie. Twee karakteristieken eigen aan glas, maar
in het werk van Bolangier in een andere context gebracht.
Het is essentiëler geworden omdat die breekbaarheid
ontdubbeld wordt. Eerst door de bolvorm (bv) van een
recipiënt die eigenlijk een vervorming van de oorsprong
is. Glas is een massa die tot de limiet verdund wordt. En
vanuit die materie aangevuld wordt met een inhoudelijke
breekbaarheid van de stengel, de bloem maar vooral het
ontluikend leven in de vorm van een blad- of bloemknop net
voor die open wil gaan. Het tweede luik is een
contradictie: glas als uitbeelding van een onbreekbare
(maar niet oneindig bestaande) vorm zoals een kegel, een
vliegenmepper of een Brusselse wafel, Belgisch lintje
inclus. Let ook op de etslijn die nog een dimensie meer
geeft. |