N.O.T.
27.09.2006


KUNSTPROMENADE 2006

 


Oostende - Je kunt een tentoonstelling altijd op minstens twee manieren bezoeken. Kijken naar wat er hangt of staat en afgaan op wat de biografie vertelt. Je kunt ook beginnen vanaf nul. Je volledig openstellen voor wat aan de muur hangt of in de zaal geplaatst wordt. En dan vanuit een eerlijke houding van “ik weet alleen maar iets” tot het gevoel kunnen komen dat je de waarheid van de kunstwerken nooit zal kennen.

 De meest individuele expressie van de meest individuele emotie. Zo oud als de straat en het lukt altijd. Wat daar hangt of staat IS de kunstenaar op EEN gegeven moment. 

Is het eigenlijk wel nodig om al die bagage mee te dragen. Is het niet zo dat iemand die zich geïnteresseerd toont voor kunst in zijn grootsheid en een kunstwerk van een kunstenaar in het bijzonder, al voldoende voorkennis heeft: de goede smaak. 

En smaak is een mengsel van kennis en vragen. Kennis mag hier gerust ervaring genoemd worden. En vragen zijn dan de honger naar kennis of weten. De inleider en de begeleider kunnen dus alleen maar iets van henzelf vertellen. En jouw honger naar kennis aanwakkeren. Je doet dus per promenade een pak ervaring op. En dat is dan weer de brandstof om na te denken. 

Ik wil deze promenade anders houden. Ik wil iedereen uitdagen om vragen te stellen. Ik zou die vragen heel graag horen en noteren om er nadien zelf over na te denken. 

Dit is niet zomaar een trouvaille 

Kinderen kunnen de inhoud van een grafisch werk van Devolder of Watty beter inschatten dan de kunstliefhebber die wij allemaal denken te zijn. Zonder vragen te stellen leggen zij uit dat een tak slechts een tak is als er leven in zit. Maar het leven van een getekende tak kan je mooier maken door het op te delen, te kleuren. De gelijke trekken van de mensen bij Devolder maken hen tot een familie, zeggen ze. Spilliaert is bang, mijnheer. 

Als ik met kinderen en jongeren filosofeer – let wel: ik ben helemaal geen filosoof. Ik houd van gesprekken die net iets hoger of dieper gaan en neigen naar filosoferen – als ik filosofeer, dan wil ik vragen horen en horen dat ze zelf de antwoorden vinden. En kinderen kunnen dat omdat ze durven vragen te stellen. Jongeren aanvankelijk ook, maar de hormonen willen dan wel eens parten spelen. 

Vragen

Wat zie ik?

Is wat ik zie ook wat daar staat?

Lees ik wel af met de juiste code?

Wie stelt die code op: de bedenker of de omgeving?

Zijn de woorden die ik gebruik om een antwoord te maken juist voor wat de kunstenaar daar bedoeld heeft?

Is een tak voor mij ook een tak voor hem?

En waarom een tak?

Waar is de pijn van ooit eens vast aan een boom?

Is een tak biologie of een potlood?

Zijn die figuren aan elkaar verwant?

Al maak je ze uiterlijk zo verschillende, ze zijn door één mens bedacht. Zit die daar dan in?

Hebben ze een uiterlijk gemeen?

Als ze een innerlijk gemeen hebben, hoe zie ik dat dan?

Waarom is een detail bij Spilliaert anders dan bij Watty?

Zijn er dan geen gelijke kunstenaars?

Waarom is de uitbeelding van een idee van een Afrikaan niet dezelfde als van een Scandinaaf?

Is een glaskunstenaar altijd bang?

Kan je vrij met glas bezig zijn, zonder de grensgedachte van broosheid?

Is een tentoonstelling een toeval, een moeten of een zoektocht naar schoonheid?

Als iedereen schoonheid aanvoert, moet ik dat dan ook zien?

Als ik niet meteen begrijp waarom jij dat mooi vindt, is er dan iets verkeerd gegaan met mijn perceptie?

Is een kunstenaar die veel exposeert gelukkig of moe?

Vragen, vragen, vragen. 

We gaan als volgt te werk: 

Voor elke galerij geef ik een sleutelwoord en een vraag

Die staan op een afzonderlijk blad.

Ga rustig je gang, geniet, en probeer achteraf iets met dat woord te doen.

Door bijvoorbeeld op zoek te gaan naar de betekenis van dat woord in het werk van die kunstenaar.

Probeer dan een antwoord te vinden op de vraag. En stel dat antwoord dan in vraag, met een nieuw antwoord als gevolg, waarop een nieuwe vraag moet ontstaan…Vragen leiden tot vragen. Op 1001 vragen krijg je 3003 antwoorden. De laatste vraag stel je dan aan de kunstenaar of aan de galerijhouder.

 Heel veel wandelend denkgenot 

André Baert
cccnot@pandora.be
CultuurContaCt vzw 

Organisatie: Filosoferen met Kinderen en Jongeren
De Peperbusse vzw
Met dank aan de Cultuurdienst van de stad Oostende.
 

 

De Vragen en de Sleutelwoorden
van het Filosofisch Parcours

 

Box 38

Sleutelwoord :Fotografie
Vraag: Is wat op een foto staat meer echt dan een getekende uitvoering?

Galerie Seghers

Sleutelwoord: Schaduw
Vraag: Is de schaduw het tegendeel of het geheim? 

Galerie R53

Sleutelwoord: Vorm
Vraag:  Zijn organisch en geometrisch aanvullingen of tegenstellingen?

Gallerie de Peperbusse

Sleutelwoord: Tragiek
Vraag: Kan een kunstwerk ooit af zijn? 

Pick’s Art

Sleutelwoord: Herkennen
Vraag: Waar begint de kunstenaar en waar eindigt de natuur?

Galerie X-L-Ent Art

Sleutelwoord: Model.
Vraag: Kan een stier ook teder zijn? 

Galerie Tom Gerrits

Sleutelwoord: Collectie
Vraag: Is een collectie een som van verschillen of de evolutie van
           eigen  smaak? 

Theobald’s Boothuisje

Sleutelwoord: Broos

Vraag: Als glas breekbaar is, kan een mens onderweg ook
           breekbaar zijn? 

Galerie du Rat Mort

Sleutelwoord: Eenzaamheid
Vraag: Is het de stilte die een groep eenzaam maakt? 

Art Residence Beau-Site

Sleutelwoord: Passie
Vraag: Is de passie van een kunstenaar het maken van een kunstwerk
           of het kunstwerk zelf?  

WE GAAN TENSLOTTE “KLARA” ACHTERNA:

 

KAN KUNST DE WERELD

REDDEN?

 

Redactie: André Baert, Annick Marchal, Lydie Lequex


INFO


KunstForum vzw